maandagen 28 oktober, 4 en 11 november 2019

Spinoza collegereeks

met emeritus hoogleraar Maarten van Buuren

Filosofische collegereeks over Spinoza

Gedurende drie maandagavonden gaf prof. Maarten van Buuren college over het gedachtegoed van Benedictus Spinoza. Elke avond stond er een ander onderwerp centraal.

College 1: Spinoza’s filosofie op hoofdlijnen
De eerste avond ging over de Ethica. Van Buuren heeft zelf een nieuwe vertaling van Spinoza’s iconische ethica gemaakt, en plaatst deze avond dit lastige boek in een moderne context.
Van Buuren legt uit hoe actueel Spinoza’s filosofie is. Bijvoorbeeld de nadruk die Spinoza legt op het trainen van het fysieke lichaam om zo ook de geest te voeden. Spinoza is door zijn lichaam/geest monisme een logisch voorstander van het Latijnse adagium: ’Anima Sana in Corpore Sano’ (een gezonde geest in een gezond lichaam). En Van Buuren onderschrijft dit adagium door te vertellen dat hij sinds enkele jaren mediteert en daar veel baat bij heeft.
Het fascinerende van Spinoza’s filosofie is niet dat hij zijn tijd zo ver vooruit lijkt te zijn. Wat Spinoza zo bijzonder maakt is dat dit soort inzichten met ijzeren logica volgen uit zijn analyse van de werkelijkheid. Het zijn voor Spinoza geen toevallige intuïties, maar noodzakelijke gevolgen van zijn analyse van de aard van God ofwel Natuur.

Volgens Spinoza heeft iedereen een aangeboren intuïtie die je onmiddellijk inzicht geeft in de waarheid, aldus Van Buuren. Toch dwalen de meeste mensen hun leven lang in verwarring rond. Hoe kan dit? Kennis bestaat volgens Spinoza uit drie onderdelen: verbeelding, logisch denken en intuïtie. Verbeelding is een verwarde en onware vorm van kennis. Ze bestaat uit onzuivere waarnemingen die het best te omschrijven zijn als drogbeelden. Het logische denken is de kritische reflectie op de waarnemingskennis. We kunnen ons deze kritische reflectie voorstellen als een computer die op de tweede verdieping de vervuilde waarnemingsbeelden zuivert die op de begane grond binnenkomen, en ze vervolgens in de juiste volgorde van oorzaak en gevolg plaatst. Deze gezuiverde vorm van kennis is ware kennis.

Over de derde vorm van kennis, de intuïtie, zegt Spinoza heel weinig. Volgens hem geeft de intuïtie onmiddellijk inzicht in de waarheid. Om dit idee van Spinoza te kunnen begrijpen én te toetsen zoekt Van Buuren naar een persoonlijk voorbeeld. Dat vindt hij. Rond zijn dertigste liep zijn leven vast. Hij was een paar jaar daarvoor gescheiden. ‘Aan jou ligt het niet’, zei hij verontschuldigend tegen zijn ex-vrouw. ‘Waarom gaan we dan uit elkaar?’ vroeg ze. Op deze logische vraag kon Van Buuren geen antwoord geven. Na de scheiding leerde hij een andere vrouw kennen. Ze begonnen een relatie die een maand of vijf duurde, daarna verflauwde zijn belangstelling en was hij terug bij af. Vervolgens volgde er weer andere vriendin. Na een maand of vier kwam ook deze relatie tot een eind. Zo ging het een keer of vijf achter elkaar. Toen drong het tot hem door dat hij een probleem had, en zette zichzelf letterlijk voor de spiegel. ‘Waar ben ik mee bezig?’ vroeg hij zijn spiegelbeeld. De vraag stellen was hem beantwoorden. Wat hij zocht was niet een vrouw met wie hij zijn leven kon delen. Wat hij zocht was een lege ruimte waarin hij zich terug kon trekken en tot zichzelf kon komen; een ruimte waarin hij voor niemand bereikbaar was. Als zijn vriendinnen zich zo vertrouwd begonnen te voelen dat ze zijn innerlijke ruimte betraden, maakte hij een eind aan de relatie.

Intuïtief heeft hij deze waarheid altijd geweten. Maar hij had de confrontatie voor de spiegel nodig om deze weinig vleiende waarheid onder ogen te zien.

College 2: Wat bedoelt Spinoza met vrijheid?
Het tweede college ging over Spinoza’s begrip over vrijheid en de samenleving. In het universum van Spinoza, waarin alle gebeurtenissen volgens een noodzakelijke reeks van oorzaken en gevolgen plaatsvinden, lijkt er geen ruimte voor vrijheid te bestaan. Toch verwacht Spinoza alle heil voor de mens bij de uitoefening van zijn vrijheid. Hoe moeten we dat begrijpen? Van Buuren vertelt dat hij hier zich flink het hoofd over heeft gebroken. Hij zocht lange tijd naar een voorbeeld dat hem helpt ‘om inhoud te geven aan een stellingname waarvan ik de inhoudelijke diepgang moeilijk kan peilen’.

Als voorbeeld geeft hij het vliegtuig van German Wings dat de copiloot liet neerstorten, als een daad van zelfdoding. De passagiers moeten zich de laatste vijf minuten bewust zijn geweest van het onvermijdbare noodlot stelt Van Buuren wat hoogstwaarschijnlijk leidde tot totale paniek of totale passiviteit. Van Buuren vraagt zich hardop af hoe hij zichzelf in die situatie zou hebben gedragen. Hij hoopt dat hij een boodschap op zijn smartphone aan zijn geliefden zou intikken. ‘Op deze manier zou ik het einde dat zich als een noodlot aan mij presenteerde, ombuigen tot een daad waarin ik mij het gebeuren eigen maak en me daarin bevrijd.’ Dit volgens hem de bevrijding die Spinoza voorstelt. De passiviteit waarin wij meestal het leven over ons heen laten komen, kan omgezet dan worden in een actieve aanvaarding.

Deze avond gaat Van Buuren ook in op verwante denkers als Machiavelli en Hobbes. Hij gaat er van uit dat Spinoza dat ook deed en dat maakt hij voor het publiek inzichtelijk.

College 3: Spinoza’s politieke filosofie
De derde en laatste avond staat in het teken van Spinoza’s politieke filosofie. Van Van Buuren verschijnt in het voorjaar van 2020 diens vertaling van Spinoza’s Politiek traktaat.

Spinoza is opgeëist als voorloper van het fascisme door Benito Mussolini. Maar ook als voorloper van het communisme door de marxistische denker Louis Althusser. Als we het Politiek traktaat zorgvuldig lezen, zegt Van Buuren, dan zien we echter een veel gecompliceerder beeld.

Hoe kunnen we Spinoza’s politieke opvattingen dan het beste omschrijven? Als grondlegger van het hedendaagse liberalisme én als voorstander van de aristocratie.

Het Politiek traktaat is Spinoza’s antwoord op de problemen van zijn tijd. Na het rampjaar 1672 bevond Nederland zich in grote moeilijkheden. In de loop van de zeventiende eeuw was Nederland telkens veranderd van staatsvorm: van een republiek onder leiding van raadspensionarissen tot een quasi-monarchie met stadhouders die via staatsgrepen aan de macht waren gekomen en vice versa.
In het Politiek traktaat pleit Spinoza voor een duurzame en stabiele staatsvorm berustend op een mengvorm van monarchie, aristocratie en democratie, waarbij de kwalijke uitersten van monarchie en democratie in evenwicht worden gehouden door een dominante aristocratie. Spinoza beroept zich daarbij op geschriften van hugenoten die in navolging van Calvijn de voorwaarden formuleerden waaronder een volk in opstand mag komen tegen zijn vorst, waarna het land zich kan ontwikkelen tot republiek.