Spinoza uitgedaagd

met Tinneke Beeckman, Sven Goedbloed en Jesse Mulder

zondag 29 oktober 2023

Volgens Spinoza wordt alles wat leeft gekenmerkt door een natuurlijke levensdrift. Hij noemt dat de conatus. Deze conatus is een allesbepalende drang naar leven, overleven en voortleven, en geeft in de ogen van Spinoza iedereen het recht om alles te doen wat in deze lijn ligt. Is deze natuurlijke levensdrift een vorm van egoïsme? En als dat zo is – stelt Spinoza daar dan grenzen aan? Dat is de startvraag van deze editie van Spinoza uitgedaagd.

Vertel eens, wat is nou hetgeen dat je zo van je afduwt? Dat gesprek zou ik graag voeren met Spinoza, zegt Sven Goedbloed aan het einde van de avond. Inmiddels ontving de zaal een uitleg over wat Spinoza’s begrip de conatus inhoudt; en luisterden bezoekers naar een gepassioneerd verhaal over sjamanisme met verschillen en overeenkomsten met het denken van Spinoza. De derde spreker toonde een karikatuur van de conatus aan de hand van de rijksten op de wereld – geen conatus meer. Dat geheel bleek voer genoeg voor een goed slotgesprek met de zaal.

De conatus
Spinoza omschrijft de conatus als een natuurlijke levensdrift, een impuls, een drang.  Leven wil blijven leven. Leven wil effecten creëren waardoor het vol kan houden te leven. Leven in vrijheid, tot bloei komen en blijven floreren. Tinneke Beeckman, de eerste spreker, legt het allemaal haarfijn uit. Dat angst voor leed en gevoeligheid voor geweld het leven bedreigt. Hoe God en de natuur samenvallen tot één, als een voortdurende kracht. 

Alles wat bestaat kan bestaan omdat de voorwaarden er zijn voor dat bestaan – vat Tinneke samen. En in dat bestaan is geen doel, geen intentionaliteit. De appel bestaat, omdat de appel bestaat. Dit staat tegenover filosofie waarin de intentionaliteit centraal staat – de appel die bestaat om gegeten te worden. Spinoza ontkent dat laatste.

De conatus, de levensdrift van Spinoza, is geen vorm van egoïsme, betoogt Tinneke.  Mensen hebben de anderen nodig. Daarmee doen bijvoorbeeld liefde en kwetsbaarheid de intrede. Een bange mens vertelt dingen die geen verband hebben, omdat een bange mens niet meer helder kan denken. En een gemoed dat schommelt tussen angst en hoop is onvrij.  Het is de blijheid, de kwetsbaarheid, de nabijheid van anderen, die macht om te bestaan geeft. Spinoza zou nooit gezegd hebben dat je moet leven zonder liefde. 

De voormalig sjamaan
De tweede spreker, Sven Goedbloed, spreekt over de raakvlakken tussen het denken van Spinoza en sjamanisme, en noemt daarin de eenheid mens en natuur.  Dat sjamanisme niet heel filosofisch is. Het handelt over de oorspronkelijke verbinding tussen hemel en aarde, met de sjamaan als bemiddelaar. De sjamaan – dat is hij of zij die veel weet.

Bij Spinoza mist Sven oog voor de vernietiging. En – zou Spinoza de zelfdestructie hebben gekend? De mens is zowel creator als vernietiger. Sven denkt dat Spinoza niet goed naar zichzelf keek – want, is het geen zelfvernietiging om jezelf buiten de gemeenschap te plaatsen? Maar in de conatus is geen ruimte voor die vernietiging.

Dit, zegt Sven, wil ik toevoegen aan Spinoza: Je kunt tot kennis komen via cognitie, en via het afpellen van lagen en daarmee afdalen in het bewustzijn. Dat is ervaringsgericht, en via de intuïtie.

De conatus in karikatuur
Jesse Mulder, de derde spreker, steekt zijn verhaal polemisch in. Hij zet een karikatuur neer van egoïsme aan de hand van het verhaal van de wereldwijde rijken. Het aansluitende tegenbetoog start met Goethe – de uitbundigheid in de natuur, met de dood als ingreep om dat uitbundige te kunnen laten bestaan.

Jesse stelt dat een streven naar zelfbehoud dat ten koste van de ander gaat een karikatuur is van de conatus. Eenzijdig, en egoïstisch. En werkelijke zelfontplooiing is alleen mogelijk als die zich invoegt in de verdere wereld. Dat zie je in de natuur, en dat zie je bij de mens.

In gesprek met de zaal
Tussen de zaal en de drie sprekers komt Darwin op tafel. Is de conatus vergelijkbaar met the survival of the fittest?  En – betreft die survival het individu, de groep, of de soort? Zijn er ook daarin verbanden te leggen tussen de conatus en het darwinisme? Jesse noemt dat Spinoza niet bezig was met de vraag van de evolutie.  Tinneke noemt overeenkomsten en verschillen.

Een bezoeker vraagt zich af hoe Spinoza zou reageren op een sjamanistisch ritueel.  Vragen stellen. Zoeken naar het waarom – denkt Sven. Hij had dat aangedurfd!

En zeker na het pleidooi van Sven! – zegt Tinneke.

Goede passies leiden tot blijheid en blijheid tot het verbeteren van competenties (Tinneke). Maar ik zie dat haat en angst ook motiveren (Sven). Tinneke antwoordt dat voor Spinoza haat en angst tot negativiteit en verbinding leiden. Geen zicht meer hebben op wat goed en slecht is voor jezelf.  Spinoza geeft dan ook geestelijke oefeningen – vergelijkbaar met cognitieve therapie. 

Spinoza vs sjamanisme
Spinoza zegt (Tinneke): We weten wel wat het goede is, maar doen het slechte omdat we geen goed contact hebben met ons zelf.

Sven zegt: In het sjamanisme onderzoek je niet de relatie met de hater, maar de haat in jezelf.  Maar (Tinneke), dan lijkt het alsof je ook een verantwoordelijkheid hebt voor de ander.

In deze context neemt Sven als laatste het woord met zijn vraag aan Spinoza: Vertel eens, wat is hetgeen dat je zo van je afduwt.

In de foyer werd er door bezoeker en sprekers stevig verder gesproken.

Over de auteur
Trees Steeghs ontwerpt, organiseert en verzorgt multidisciplinair cultuuronderwijs waarin taal centraal staat. De betekenis die het maken en ervaren van kunst in het dagelijkse bestaan kan hebben, praktisch, en theoretisch, is daarin altijd belangrijk.

Illustratie door burolab © Laura Abbink